Na mijn vorige stukje, waarin ik een onvermoed verband probeerde te leggen tussen migratie en economie, ga ik nu in op een onderwerp waarvan de connectie wél zonder morren door iedereen geaccepteerd wordt, namelijk rente.
Jarenlang brak ik mijn hoofd over renteberekeningen. Ik werkte immers als specialist in het berekenen van kosten van materiële assets over hun levensduur? Vaak ging het over investeren in infrastructuur en onroerend goed. De gedachtengang die ons bedrijf hierbij hanteerde was de volgende: kijk over de resterende levensduur van spullen die je al hebt en over de hele levensduur van nieuwe investeringen. Daarbij geldt: hoe eerder je geld moet investeren, hoe duurder het asset wordt over de levensduur, omdat je bedrijfsmiddel nog niets heeft opgeleverd. Nú veel geld uitgeven is – tegen hetzelfde rentetarief – duurder dan de uitgave kunnen spreiden of een vervangingsinvestering uitstellen. Het bedrijf waar ik werkte had de ‘egalisatierente’ bedacht om een correcte kostprijs over de levensduur te kunnen uitrekenen.
Het was een productief model voor investeringsbeslissingen, want sowieso leidt de hele periode waarover je investeert in ogenschouw nemen werkelijk tot grote besparingen. Daarnaast leidt het tot op het juiste moment instappen bij nieuwe techniek en tenslotte – niet helemaal onbelangrijk – een véél duurzamer gebruik van gebruiksmiddelen, waarbij bestaande zaken goed onderhouden een cruciale rol speelt.

Toch bleef het een lastig element: hoe bepaal je het juiste rentepercentage? Bepaal je dat aan de hand van wat geld op de markt oplevert of doe je het op basis van het rendement dat jouw bedrijf per jaar gemiddeld oplevert en neem je je algemene return on investment als uitgangspunt? Uit het Nederlandse gekrakeel rondom de al dan niet fictieve rentebepaling van vermogen bij de Belastingdienst kun je best concluderen dat het vaststellen van een ‘redelijk’ rentepercentage een eindeloze bron van discussie kan zijn.
Rente als fenomeen
Tegenwoordig breek ik mijn hoofd over het fenomeen zelf: wat is de functie en het nut van rente? Wat levert het rendement van geld werkelijk op?
Onze kunstmatige intelligentie zoekt snel de definities voor ons op in de uit onze eigen creativiteit voortvloeiende informatiebronnen:
De belangrijkste stromingen en wetenschappelijke invalshoeken in het kort:
Klassieke en Oostenrijkse School: Rente wordt gezien als de ‘prijs van tijd’. Bekende literatuur (zoals van Eugen von Böhm-Bawerk) legt uit dat mensen de voorkeur geven aan consumptie nú boven consumptie later; rente compenseert voor dit uitstel.
Keynesiaanse Economie: Rente is in deze theorie de prijs die betaald moet worden om afstand te doen van liquiditeit. Centrale banken gebruiken de rente om de effectieve vraag en werkgelegenheid te sturen.
Moderne Monetaire Literatuur: Artikelen over de natural rate of interest (het evenwichtsniveau waarbij de economie niet groeit noch krimpt). Veelgebruikte bronnen in het vakgebied zijn analyses van instituten zoals Centraal Planbureau (CPB) en De Nederlandsche Bank (DNB).
Rente is een centraal fenomeen binnen het economische denken. Toch is het ook niet overal een geaccepteerde manier van omgaan met geld: bijvoorbeeld binnen de islamitische levenssfeer is rente minder gangbaar en wordt het zelfs afgeraden. Dus in dit soort culturen ga je in dit soort berekeningen gewoon uit van wat jouw economisch handelen oplevert, je kijkt intern, in plaats van extern.
Rente in de harteconomie
Dat lijkt de harteconomie toevallig ook het beste uitgangspunt. Zonder hierbij overigens welke regel dan ook, vanuit welke religie dan ook klakkeloos te willen overnemen, laat dat duidelijk zijn. Ik vraag me wel af of er voorbeelden zijn van economieën die zonder rente werken, want ik heb de indruk dat het westerse model mét rente wereldwijd dominant is, ook in landen waarin veel mensen zich moslim noemen.
Geld moet een hulpmiddel zijn, een intermediair en nooit een doel op zich. De mate van bevrediging van behoeften en de verdeling van de welvaart staan op de eerste plaats, niet hoeveel geld er verdiend wordt. Dat is één van de allerbelangrijkste uitgangspunten van de harteconomie.
Het is maar heel erg de vraag of rente daarin nog een rol van betekenis kan spelen. Misschien hooguit in de zin van het kwantificeren van de inkomsten die de inzet van kapitaal én arbeid opleveren, dus de meerwaarde van de inspanning.
We hebben hierin nog wel een lange weg te gaan, want rente als fenomeen wordt nu verkocht als heilzaam regulatiemiddel van (supra)nationale banken, bijvoorbeeld de Europese Centrale bank.
Rente doet de economie opvlammen en weer afkoelen. En rente houdt de functie van het bankwezen vitaal.
Zou het zo kunnen zijn dat een economie zonder rente minder pieken en dalen heeft? Zou het zo kunnen zijn dat het bankwezen op een andere manier gaat functioneren en meer een centrale dienst wordt die er puur voor zorgt dat je de beschikking hebt over de financiële middelen die tot jouw beschikking staan?
Het is duidelijk. Dit is een belangrijk onderwerp om te onderzoeken. Kan rente in bepaalde gevallen heilzaam zijn? Hoe werken economische modellen zonder rente? Hoe zou dit passen binnen de harteconomie?
Heb jij tips voor literatuur over dit onderwerp of wil je je gedachten hierover kwijt? Altijd welkom!
Door: Olga van Kampen – Drogt
Nijmegen, 20 mei 2026
olga@harteconomie.com
Plaats een reactie